Samen naar beter mobiliteitsbeleid

Author
Max Kortlander

Burgers zijn nodig voor mobiliteitsbeleid – uiteindelijk zijn wij de experts in de manier waarop wij onszelf elke dag verplaatsen. Voor de invoering van nieuw beleid en technologie is een co-creatief proces nodig. Daarom zijn we met het project Urbanite op zoek naar burgers, organisaties en mobiliteitsmanagers die hier gezamenlijk  met ons over mee willen denken. 


Waarom zouden we mobiliteit participatief moeten maken? Hebben we de kennis van mobiliteitsexperts niet nodig voor taken als het ordenen van verkeersstromen, voertuigwetgeving en het indelen van treintijden? Wat is de rol van burgers in zo’n gespecialiseerd vakgebied? En waarom zouden burgers geïnteresseerd zijn in verkeer en transport? 

Mobiliteit is een complex onderwerp waarvoor expertise nodig is, maar mobiliteit gaat over meer dan efficiëntie en logistiek – fundamenteel gaat mobiliteit over de veiligheid en ervaring van de mensen in hun alledaagse levens. Daarom is participatie nodig: burgers zijn de experts in hun eigen levens en interesses. Zonder de invalshoek van de burger, missen mobiliteitsmanagers de noodzakelijke kennis om prioriteiten te stellen en betere oplossingen te ontwerpen.

De fiets is een belangrijk vervoermiddel in Nederland. In tegenstelling tot auto's, trams, treinen en bussen, kunnen fietsroutes erg moeilijk te meten zijn. Tijdens een Urbanite Social Policy lab sprak ik met een regionale mobiliteitsmanager over zijn moeilijkheid om toegang te krijgen tot fietsgegevens. Ik ging ervan uit dat hij problemen had met het vinden van routegegevens voor fietsers.

'Nee,' zei de mobiliteitsmanager. 'We moeten een bredere kijk op 'data' krijgen, die niet alleen kwantitatief maar ook kwalitatief is. Ik heb informatie nodig. Niet over waar de fietsers heen gaan, maar wat ze willen. Waar maken ze zich zorgen over? Waar willen ze dat ik aan werk en hoe kan ik ze helpen?'

Zijn antwoord deed me denken aan mijn eigen fietservaringen – routes plannen op basis van groen en stilte in plaats van op de kortste afstand, of ervaren dat het fietspad te dicht bij autoverkeer ligt op een deel van mijn dagelijkse route. Individuele inzichten in fietsen (of enige vorm van mobiliteit) kunnen betrekking hebben op zaken die zowel persoonlijk als gedeeld zijn, en zeer belangrijk: waar en wanneer iemand zich veilig voelt op een bepaalde route, of wat er kan worden gedaan om mensen met beperkte mobiliteit te helpen.

Dit gesprek wijst op de noodzaak voor burgers en autoriteiten om met elkaar te communiceren en kennis te delen. Het helpt ook om de moeilijkheden daarbij aan het licht te brengen. Geluk, prioriteiten, iemands gevoel van veiligheid en de grondige kennis van iemands dagelijkse route kunnen niet volledig worden gekwantificeerd.

Zelfs in een discussie of enquête wordt dergelijke kennis niet volledig vastgelegd en gedeeld. Wat dan nodig is, is een co-creatief proces op de lange termijn – een omgeving waarin overheidsinstanties en burgers in de loop van de tijd en als gelijken kunnen samenwerken om mobiliteitsproblemen te identificeren en prioriteren, oplossingen te bedenken en te selecteren, en die oplossingen te implementeren. 

Het proces klinkt misschien ideaal en grenzeloos – te mooi om waar te zijn, of te omslachtig om te beheren. Hoewel burgerparticipatie tijd, inzet en flexibiliteit vereist, is het wel mogelijk en kan het juist tot grote voordelen leiden. Recente Europese projecten zoals Cities-4-People, Sunrise, Metamorphosis, Looper en anderen hebben participatieve mobiliteitsprojecten over het hele continent geïmplementeerd. Documentatie zoals de co-creation navigator en practice timelines van Waag en Cities-4-People, en de Big Messages van de Neighborhoods Projects laten het succes en de uitdagingen zien waarmee ze werden geconfronteerd door burgers voorop te stellen op het gebied van mobiliteit, en kunnen helpen anderen door het proces te leiden.

Nu staat het Urbanite-project voor vergelijkbare uitdagingen en kansen. Met een focus op het gebruik van disruptieve technologieën zoals datamodellering, prognoses en Artificial Intelligence (AI), is er een dringende behoefte voor Urbanite om dergelijke concepten duidelijk te maken voor de burger, zowel op algemeen niveau als binnen de lokale context van partnersteden. Naast het begrijpen van deze processen, moeten burgers ook worden betrokken bij de manier waarop ze worden ingezet en gebruikt.

In de Amsterdamse casus bouwen we voort op onze eerdere discussies over fietsdata (in Urbanite, en in projecten als MUV en het Mobiliteitslab Fietsdatacommons) om bij burgers en fietsers te achterhalen hoe en waarom ze willen dat hun data verzameld wordt. Ben je een Amsterdammer die in deze onderwerpen geïnteresseerd bent, of verzamel je al fietsinformatie? Laat het ons dan weten via max@waag.org.

Onder welke voorwaarden mag AI worden gebruikt en voor welke doeleinden? Hoe kunnen we individuele privacy en autonomie beschermen? En wat zijn onze doelen en prioriteiten om deze technologie überhaupt te gebruiken? We hopen deze en andere fundamentele vragen in Urbanite aan te pakken - niet alleen, noch op basis van onze eigen expertise, maar geleid door de expertise en prioriteiten van burgers in hun eigen leven.

Thumbnail

This project has received funding from the European Union’s Horizon 2020 research and innovation programme under grant agreement No 870338.

About the author

  • Max Kortlander is betrokken bij onze Europese projecten als onderzoeker.